zondag 24 maart 2002
Het is Palmzondag en dus tijd voor de Matthäus Passion van J.S. Bach.
Prachtige muziek, die nu al 273 jaar bestaat en nooit haar zeggingskracht is kwijtgeraakt.
Een eeuwenoud verhaal over grenzeloze liefde en zelfopoffering, dat voor ieder van ons zijn eigen betekenis heeft.
Iedere tijd heeft zijn eigen kijk op dit stuk gehad en de muzikale interpretaties zijn door de jaren steeds veranderd. Maar ook ieders persoonlijke beleving van deze muziek ontwikkelt zich in de loop van de tijd. Sommigen van ons hebben de Matthäus Passion al herhaalde malen gezongen, anderen zingen voor deze ene keer met ons mee. En toch zijn er voor ieder van ons steeds weer nieuwe ontdekkingen.
Frank Deiman geeft de leden van het koor daarin een stimulerend voorbeeld. Hij laat ons zien hoe je telkens opnieuw kunt luisteren en begrijpen. Het heeft de repetities gemaakt tot inspirerende avonden, waarvan we tevreden thuiskwamen.
We hopen dat u op deze zondagmiddag zult genieten van onze uitvoering.
Ingrid van Bergenhenegouwen
voorzitter
21-3-1685 Eisenach - 28-7-1750 Leipzig
Na de dood van zijn vader in 1695 verhuisde Bach naar Ohrdruf, waar hij muzikaal onderricht kreeg van zijn broer. In 1700 was er plaats voor hem in het internaat van de Sint-Michaelisschule in Lüneburg. In 1703 verbleef hij enkele maanden als violist en hulporganist aan het Hof van Weimar. In hetzelfde jaar werd hij uitgenodigd om organist van de Bonifatiuskerk in Arnstadt te worden. Later ontstond een conflict met de kerkenraad over een te lang verlof voor een reis naar Lübeck om het orgelspel van Buxtehude te leren kennen en over de lange tussenspelen in de dienst en zijn muzikale interpretaties.
In 1707 werd hij organist in Mülhausen. Hier schreef hij zijn eerste cantates en zette zich in voor de uitvoering van vocaal-instrumentale kerkmuziek.
Hij voelde zich daar niet op zijn plaats en ging weg in 1708 om kamermusicus en organist in Weimar te worden. Vanaf 1714 was hij ook concertmeester, met als opdracht o.a. het componeren en uitvoeren van cantates. Hij schreef er maar liefst 30 op niet bijbelse teksten. Ook componeerde hij hier orgelwerken. Teleurgesteld over het feit dat hij de 1e kapelmeester na diens overlijden niet kon opvolgen, besloot hij naar Köthen-Arnstadt te verhuizen, waar hij die functie wel kon bekleden. Echter in deze calvinistische stad was geen plaats voor kerkmuziek, hier schreef hij orkest- en kamermuziek (m.n. viool) en 40 wereldlijke cantates. In 1722 solliciteerde hij, uit onvrede met zijn muzikale omstandigheden, naar de functie van cantor aan de Thomaskirche in Leipzig. De 4e keus viel uiteidelijk in 1723 op hem, een van de mittlere Kräfte, omdat o.a. Telemann en Graupner uiteindelijk niet beschikbaar waren. Bach wilde heel graag naar Leipzig, omdat zijn zoons daar zouden kunnen studeren. Hij werd cantor en was daarmee verantwoordelijk voor de muziek in de liturgie en de muzikale opleiding van leerlingen van de Thomasschool. Ook werd hij director musices en had de leiding over de stadsmuzikanten en de zorg voor muziekuitvoeringen bij bijzondere gelegenheden.
Hij schreef voor elke zon- en feestdag een cantate, 5 jaargangen lang. Twee jaargangen zijn verdwenen, maar de overige zijn in tact: 1723/24, 1724/25, 1725/26. Tussendoor schreef hij ook nog de Johannes Passion (1724) en de Matthäus Passion (1729). De Matthäus Passion vormde de afsluiting van de eerste Leipziger-periode. Daarna schreef hij minder nieuw werk voor kerkelijk gebruik (Mis in b, Weihnachtsoratorium).
In 1729 kreeg hij ook de leiding over Collegium Musicum, een vereniging van beroepsmusici en studenten die wekelijks concerten verzorgde. Dat was voor hem een welkome afleiding. Hij maakte een aantal concertreizen en verzorgde de uitgaven van zijn eigen klavecimbel- en orgelwerken.
De laatste drie jaar van zijn leven leed hij aan een oogziekte, waardoor hij blind werd. Hij overleed in 1750 in Leipzig.
Alex Vermeulen studeerde aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam en het Kon. Conservatorium te Brussel, waar hij met lof afstudeerde. Hij zong een aantal seizoenen bij de Nederlandse Opera te Amsterdam, bij de Vlaamse Opera en en de Opera van Wallonië. Hierna richtte hij zich alleen nog op zijn activiteiten als concert- en liederenzanger. Zijn repertoire omvat nagenoeg het hele gangbare concert- en oratoriumrepertoire. Ook zong hij in moderne werken, zoals het Liverpool Oratorio van Paul McCartney. Hij is een veelgevraagd vertolker, van zowel de Evangelistenpartij als de aria's van de Matthäus- en Johannes Passion van Bach.
Alex Vermeulen gaf vele recitals, o.a. in het Concertgebouw. Hij treedt in heel Europa op met concerttournees en bij vele festivals. Hiernaast nam hij diverse cd's op. Naast zijn activiteiten als zanger is Alex Vermeulen ook ook zeer actief als concertorganisator. Voor het lopende seizoen staat nog een lange concertreis naar Rusland gepland met o.a. liederenrecitals.
Frans Kokkelmans studeerde af aan het Conservatorium van Maastricht op Schoolmuziek en als docerend en uitvoerend musicus Concert en Opera. Hij werkte 6 jaar aan het Stadttheater in Aken en daarna zong hij bij producties in onder meer Dortmund, Amsterdam, Rotterdam, Aken als solist in o.a. de Verkaufte Braut, Die Zauberflöte en La Traviata.
Frans Kokkelmans zingt in oratoria in binnen- en buitenland in diverse Passionen (Bach, Kreisler, Schütz), de Elias en Paulus van Mendelssohn, Carmina Burana van Orff, Messiah en Te Deum van Händel, etc. Hij is op cd te horen in Die Zauberflöte, Carmina Burana, Elias, Paulus en de Hohe Messe van Bach. Hij is Hoofdvakdocent Zang aan het conservatorium te Maastricht.
Clara de Vries bekwaamde zich na haar opleiding solozang aan het conservatorium te Zwolle o.a. verder bij Aafje Heynis en aan het Mozarteum te Salzburg. Zij was finaliste bij de Erna Spoorenberg Internationale Vocalistenpresentatie. Zij is een veelgevraagde soliste bij oratoriumverenigingen en beschikt over een omvangrijk repertoire. Zij maakte tournees door de hele wereld. Clara de Vries vormt met de alt José Scholte een succesvol duo, gecoached door Aafje Heynis. Hiernaast maakt ze deel uit van het Midas Ensemble, dat tijdens een muziekfestival in Korea een prijs ontving voor de bijzondere uitvoering van Mozart-aria's. Met Martijn van de Hoek bracht zij een liedrecital tijdens het Frans Liszt Festival in het Concertgebouw.
Margareth Beunders studeerde na haar studie aan het Twents Conservatorium verder bij o.a. Aafje Heynis en Philippe Herreweghe. Zij debuteerde tijdens het Holland Festival 1979 en haar carrièrre raakte in een stroomversnelling na haar medewerking aan het televisieprogramma "Jonge mensen op het concertpodium" in 1982. Zij zong onder beroemde dirigenten, zoals met het Pittsburgh Symphony Orchestra onder André Previn en verder met o.a. Jean Fournet, Kenneth Montgomery, en Edo de Waart.
Zij zong o.a. in Bachs Hohe Messe in Italië, gaf een leiderenrecital in het Concertgebouw en zong Das Lied von der Erde van Mahler op alle grote Nederlandse concertpodia. Tevens verzorgde zij tal van radio-optredens.
Robert Luts studeerde aan het Lemmensinstituut te Leuven en het Kon. Conservatorium te Brussel, waar hij met lof afstudeerde. Aan het conservatorium van Maastricht volgde hij de operaklas en hij volgde diverse Master Classes. Hij werd laureaat van het leiderenconcours in Clermont-Ferrand en van de Erna Spoorenberg Internationale Vocalistenpresentatie.
Robert Luts zong o.a. Tamino in Die Zauberflöte en was gast op diverse grote festivals in Europa. In het Concertgebouw in Amsterdam zong hij de evangelistenpartij in de Matthäus Passion, hij zong o.a. in het Requiem van Mozart en de Carmina Burana van Orff. Op radio en cd was hij te horen in diverse liederen. Robert Luts is zangpedagoog bij het Stedelijk Muziekconservatorium te Hasselt en aan de Katholieke Hogeschool Limburg.
Bezoek ook de homepage van Robert Luts.
Hans de Vries studeerde na zijn opleiding aan het Utrechts Conservatorium verder bij de bariton Henk Smit en slaagde cum laude bij de Duitse bariton Udo Reinemann, ook volgde hij lessen bij o.a. Dietrich Fischer-Dieskau. Hij treedt regelmatig op als solist in oratoriumwerken van o.a. Bach, Händel en Mozart. Hiernaast omvat zijn repertoire ook moderne werken.
Op operagebied trad hij op in diverse Europese steden in verschillende rollen. Op het Internationale Hugo Wolf-Wettbewerb in Stuttgart 1987 won hij de 2e prijs en in 1990 was hij een van de prijswinnaars van het Internationale Vocalistenconcours te Den Bosch. Er zijn verschillende radio-opnames gemaakt van zijn liederenrecitals.
Het Ensemble Conservatoire bestaat uit een vaste kern van beroepsmusici, die in grote professionele orkesten werken of actief zijn in het onderwijs aan conservatoria en muziekscholen. Het orkest is een aantal jaren geleden speciaal opgericht voor het begeleiden van koren. Met een tiental koorbegeleidingen per jaar heeft het ensemble in de loop van de jaren een goede naam verworven voor wat betreft betrouwbaar en hoogstaand orkestspel van barok- en romantische muziek.
Rob Engels is meer dan 15 jaar concertmeester en organisator van het Ensemble Conservatoire uit Zwolle. Hij studeerde viool aan het Conservatorium Zwolle bij Jan Hulst en behaalde in 1981 het diploma Uitvoerend Musicus. Na een studie van een jaar in Brussel bekwaamde hij zich op de barokviool aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Sigiswald Kuyken was daar zijn leermeester.
Berry van Berkum studeerde orgel, improvisatie en piano aan het conservatorium te Arnhem bij Bert Matter en Jacques Hendriks. Daarna volgde hij interpretatiecursussen bij Harald Vogel en Louis Thiry en improvisatielessen bij Bert van den Brink (piano) en Jan Welmers (orgel). Hij behaalde meerdere malen prijzen op internationale orgelconcoursen. Berry van Berkum is actief improvisator, componist, solist, jazzpianist en is als docent orgel verbonden aan het Lindenberg Stedelijkk Centrum voor Kunst en Cultuur te Nijmegen. Hij werkte mee aan verschillende cd- en radio-opnames. Sinds 1990 is hij organist van de Antonius van Paduakerk te Nijmegen.
De leden van Multiple Voices zijn allen leerlingen van de Enschedese Muziekschool. Zij worden vocaal geschoold, hebben individueel zangles en bespelen veelal een instrument. Het koor streeft naar de hoogste graad op artistiek niveau, maar het plezier in samen musiceren blijft voorop staan. Regelmatig maakt Multiple Voices buitenlandse reizen. Zo werd er in de afgelopen jaren opgetreden in Hongarije, Portugal, Engeland en Italië.
Multiple Voices heeft een gevarieerd repertoire van eigentijdse muziek tot oude (kerk)muziek. Het koor werkt nauw samen met professionele instellingen zoals de Nationale Reisopera, het Orkest van het Oosten en het Gelders Orkest, doet mee aan festivals en concoursen en heeft in zijn 10-jarig bestaan aan zeven cd's meegewerkt.
Dirigent Frank Deiman studeerde piano, koor- en orkestdirectie aan het Conservatorium in Enschede, waar hij nu werkt als docent piano en ensembleleiding.
Hij is dirigent van diverse koren en momenteel leidt hij naast Toonkunstkoor Euterpe het kamerorkest Friends of Art. Naast het dirigeren van koren en orkesten speelt hij als pianist regelmatig bij cabaretvoorstellingen.
Deiman schrijft muziek voor theater, zoals o.a. voor "Het Twents Paradijs" (over de ondergang van de Twentse textiel) en "Peer Gynt", een productie van de Engelenbak in Amsterdam, en de volksmusical "De Pathmosprinses". Op tekst van Willem Wilmink en muziek van Frank Deiman voerde 'Toonarbeiderbond Twente', een klein professioneel gezelschap, deze voorstelling uit. In het Saxion Operafestival 2000 en 2001 leidde Deiman de nederlandstalige familievoorstelling "http://www.b@rbier.nl", waarin hij de muziek van Rossini bewerkte voor solisten, kinderkoor en een klein ensemble. Dit jaar wordt de familie-opera "Meralda" opgevoerd, eveneens op de tekst van Willem Wilmink en de muziek van Frank Deiman. In het Vestzaktheater in Enschede werkt Deiman als muzikaal leider, onlangs van de musical "Anatevka" en nu van de productie "Metropolis". In oktober 2001 ontving Deiman de Rinus Luttikhuis Prijs, waarmee hij in Enschede werd onderscheiden voor zijn inzet om met kinderen en amateurs muziek te maken.
Matthäus Passion
Uitvoering van de Matthäus Passion van Johann Sebastian Bach (1685-1750) door Toonkunstkoor "Euterpe" uit Deventer o.l.v. Frank Deiman en het Ensemble Conservatoire Zwolle o.l.v. Rob Engels, Berry van Berkum (orgel). Alex Vermeulen (tenor-evangelist), Frans Kokkelmans (bas-Christus), Clara de Vries (sopraan), Margareth Beunders (alt), Robert Luts (tenor) en Hans de Vries (bas). Medewerking van Kinderkoor Multiple Voices van de Enschedese Muziekschool. Gehoord: 24/3 Grote of Lebuïnuskerk.
In Nederland is de Matthäus Passion een must en een ware cultus is om dit monumentale werk heen ontstaan. In Europa en notabene in Duitsland is dit werk helemaal niet zo bekend. Bij ons heeft tegenwoordig iedere stad wel zijn eigen Matthäus Passion. Het niveau is gelukkig mede door de Oude Muziek beweging in de loop van de jaren gegroeid en de dirigenten van al die oratoriumkoren hebben meer inzicht verworven in de historische uitvoeringspraktijk van deze Barokmuziek.
In de kerkdienst van Goede Vrijdag 11 april 1729 werd in de Thomaskirche te Leipzig de Matthäus Passion voor het eerst uitgevoerd o.l.v. Johann Sebastian Bach. Toen werkte Bach met een jongenskoor en een kleine groep van instrumentalisten. Dit stond in schril contrast met de grote gemengde koorbezetting van het Deventer Toonkunstkoor "Euterpe".
Bach heeft in de Matthäus Passion duidelijk een dialoog tussen de uitvoerenden en de gemeente bedoeld. Uitgangspunt was het evangelie van Matthäus, hoodstuk 26 en 27. Zo wordt in de partituur niet gesproken over solisten, orkest of koor maar over Choro I en Choro II. De koralen werden door de gelovigen luid meegezongen en alles stond in een kerkelijke liturgische context. Iedere vorm van concertgedachte was vreemd. Veel mensen in onze tijd schijnen hier geen weet van te hebben.
De uitvoering van Euterpe kan evenwichtig genoemd worden. De koorklank is okee en de balans tussen de onderlinge stemmen is redelijk. Jammer dat de podiumopbouw en de opstelling van koor en orkest niet optimaal bleek. Zo stonden er minstens zes rijen zangeressen achter elkaar op dezelfde hoogte en dat heeft
natuurlijk een groot negatief effekt op de klakuitstraling. Het geluid bleef hierdoor te veel in de nek van de voorbuurvouw hangen en van een transparante klank zoals in al Barokmuziek gewenst is was geen sprake. Alleen de heren waren op de achterste drie rijen goed neergezet en zichtbaar.
Het orkest versterkt door microfoons deed goed werk. De solisten waren allen prima en Berry van Berkum speelde adequaat een kistorgel.
Het meisjeskoor was nauwelijks hoorbaar en het was jammer dat er geen jongenskoor was. Jongens hebben de kracht en de helderheid om te stralen in de hoogste regionen. Een meisjeskoor is bij de muziek van Bach qua klank en uitstraling een vergissing.
Een compliment voor dirigent Frank Deiman. Met rustige gebaren en weinig ophef weet hij alles in goede banen te leiden. Zonder specifiek gebruik van de Barokke uitvoeringspraktijk musiceert hij fijn met het beschikbare materiaal.
Een verzorgd programmaboekje met afbeeldingen van Rembrandt maakte dit Passie-concert tot een evenwichtige uitvoering en daarop mag Euterpe best trots zijn.
Wim Riefel
Deventer Dagblad 25-03-2002
Open deze pagina zonder frames - Open deze pagina zonder opmaak
Home - Aspirant Leden - Programma - Contact - Vrienden van Euterpe - Gastenboek - Links - Concerten - Sitemap - Archief - Intern
Matthäus Passion - Requiem
Deze website wordt gehost door 123XS Webhosting Services.